Zelhem



Pasted Graphic 11 Pasted Graphic 1

Het dorp Zelhem was gelegen aan de oude handelswegen van Bocholt (Duitsland) naar Doesburg en Zutphen.
Het grondgebied bestond voornamelijk uit woestegrond. Rond 1900 was nog ongeveer 50% van de 8.000 ha. Zelhemse grond onontgonnen. Met de komst van nieuwe wegen en de spoorbaan Doetinchem - Ruurlo braak voor Zelhem de nieuwe tijd aan. Kunstmest en andere invloeden van buiten gingen meer en meer het leven bepalen.
Rondom de kerk en de markt speelde zich het leven af.
Dit is een plattegrond (1780) van dat gebied:
Pasted Graphic 15

Goed zichtbaar is, dat de markt rondom de kerk een min of meer afgesloten brink is. De weg naar Ruurlo en de weg naar Doetinchem lagen op ander plekken dan nu. Midden op de huidige wegen stonden 2 historische herbergen voor doorgaand verkeer. Deze herbergen hadden voor de Middeleewse reizigers een uithangbord, dat aangaf elke aangaf welk mensen daar graag kwamen. Het Witte Paard was het herkenningsteken voor de Saksische mensen uit bv. Twente en dat Duitse achterland.

Het Witte Paard
Heette vroeger Praastink en het uithangbord gaf duidelijk aan wat de bedoeling was.
Pasted Graphic 1.
Het Witte Paard lag midden op de hoek van de Markt en de huidige Ruurloseweg.
Pasted Graphic 3

Het Roode Hert

Tot 1920 moesten de boeren hier jaarlijks op St. Lambertusdag (17 september) hun "Thins" (accijns) of "Honinggelden" afdragen. Dat gebeurde 's morgens tussen 10 en 11 uur, onder voortdurend klokgeluid. Het was een overblijfsel van de z.g. "heerlijke rechten", een belastingplicht aan het vroegere hof van Zelhem. Bij het voldoen van deze traditionele plicht ontving de betaler een aantal consumpties. Daar in de loop der tijden thinsgelden afkoopbaar werden gesteld, en meerderen daar gebruikt van maakten, bleven alleen de kleine betalers over. De kosten ervan overtroffen vaak het bedrag dat er betaald moest worden. Om deze reden heeft de laatste eigenaar van het Thinsrecht, de heer H.E. Knaake, het gebruik afgeschaft.In 1250 wordt al melding gemaakt van Honinggelden, deze moest op het Hof te Zelhem worden voldaan. Belastinggelden werden in die tijd vaak nog in natura betaald, dit bewijst wel dat de bijenteelt een belangrijke plaats had bij de boerenbevolking. In die tijd moesten 32 potten honing geleverd worden. Na 1341 worden geen goederen meer geleverd, maar de schatplichtige boeren moeten een bepaald bedrag betalen. Dat varieerde van 4 cent tot 4,86 gulden.
Pasted Graphic
Deze herberg lag midden op de hoek van de Markt en de huidige Doetinchemseweg.

page26_1